As in tas

Jelle Brandt Corstius fietst naar de Middellandse zee. Met een beetje as van zijn vader in de tas. Het is een heel mooi boek. Het gaat over hoe je van je van je vader kunt houden, terwijl er zo veel niet is gezegd en zo veel fout is gegaan. Jelle fietst langs heel veel plekken waar ik ook was. Ouderkerk aan de Amstel, de Ardennen, de Jura, Avignon, de Camargue, Saint-Maries de la Mer. De plaats waar ook wij onze fietstocht naar de Middellandse zee ooit eindigden. Jelle kampeert zelfs op dezelfde camping.
Ik heb aan dit verblijf een nare herinnering. Het was in mei, we kwamen aan, het weer was lekker. De tenten moesten worden opgezet, en Maarten vroeg of hij naar het strand mocht. Het was een groot, breed strand, het was er rustig, de zee was ver weg. Maarten was misschien zes, Simone tien. Tussen het strand en de kampeerplaats was een klein duintje. Zodra de tenten stonden, gingen wij ook naar de zee. Het strand was nog leger dan daarvoor, maar Maarten was er niet. Er was een vaag windje, en wanneer je op het strand een kind kwijt bent, weet je dat je met de wind in de rug moet gaan zoeken, dat doen weglopende kinderen ook, die lopen met de wind mee. Maarten zagen we niet, we gingen terug, de andere kant op. En wéér terug, met de wind mee. Toen naar zee, ook al verwachtten we Maarten daar niet, vanwege de modderige ondergrond: daar hield/houdt hij niet van.
Ik raakte er van overtuigd dat hij was meegenomen. Door een pedofiele strandgast: een mooi blond jongetje, op een verlaten strand. Ik zag de krantenberichten al voor me, en wat vónd ik me dom. We gingen terug naar de tent, misschien was hij inmiddels daar.
Maar voordat we daar waren zagen we hem, hij was direct na de strandopgang gaan zitten spelen. Met zand, schelpjes en steentjes. Hij zat er nog steeds en wilde niet mee.

Dit vind je misschien ook leuk...