Mooi Twente

Wanneer je bij ‘Frans op den Bult’ een kamer boekt, dan kun je haast al wel aanvoelen waar je terecht komt. Ook omdat op de website te lezen is dat het goed vertoeven is voor truckers. Op de kamer mag je niet roken, niet bijzonder, maar als je dan ook nog een waarschuwingssticker aantreft met ‘verboden te koken’ begin je te begrijpen waar je bent.
Maar alá, het bed was goed, en de douche deed het.
Tijdens het lange-afstands-wandelen in etappes van 2 dagen is het altijd een dingetje een overnachtingsplek te vinden aan de route, en als dan deze ook nog halverwege is, moet je verder niet zeuren.
Het restaurant had een heel eenvoudige kaart: veel vlees, xl porties als ‘super balls’, drie gehaktballen met een gezamenlijk gewicht van 600 gram. “Zoiets heb i’j niet in de broek zitt’n” hoorde ik een vrouw tegen haar tafelgenoot zeggen. Groentes werden als bijgerecht genoemd: boontjes, witlof, sla of rauwkost. Na het noteren van het vleesgerecht hoorde ik, bij een andere tafel, de serveerster vragen: “Groente?” “Nee”, was het antwoord. Het deed me denken aan een vraag van Herman Finkers: “Geboren?” “Ja.”
Wij namen stamppot, maar wat we kregen was veel te veel. Ze zagen ons wat bezwaard kijken toen meer dan de helft over was. “Maar dan geven we je het toch mee.” Thuis nog twee dagen stamppot dus.
Maar de route was prachtig, mooier dan in Twente in de herfst kan het nergens zijn.
In het voorjaar het laatste stukje, naar Bad Bentheim.

Dit vind je misschien ook leuk...